Advies van de Geschillencommissie passend onderwijs over verwijdering van leerling met syndroom van Down: geen onbegrensd recht op regulier (basis)onderwijs

De Geschillencommissie passend onderwijs (GPO) bracht op 8 april 2019 een advies uit over een verwijdering van een leerling met syndroom van Down in het regulier basisonderwijs. De Commissie liet zich onder meer uit over de vraag of de verwijdering in het licht van de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte en het VN-Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap redelijk is. 

Wat was de situatie?

Een leerling met syndroom van Down volgt vier jaar in groep 1-2 regulier basisonderwijs. Door een medische behandeling is zij tussentijds ruim een jaar niet op school geweest. De school besluit de leerling te verwijderen omdat zij niet meer kan voorzien in de ondersteuningsbehoefte van de leerling. De school verwijst de leerling naar een school voor speciaal onderwijs. De moeder van de leerling maakt bezwaar tegen de verwijdering. Zij meent onder meer dat de verwijdering zich niet verdraagt met de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte (WGBH/CZ) en het VN-Verdrag inzake de rechten van personen van een handicap. De moeder vraagt de Commissie om een oordeel. 

Beoordeling door de Commissie

De school heeft de leerling intensieve één-op-één-begeleiding geboden en gebruik gemaakt van speciaal voor de leerling ingezette methodes. Desondanks laat de leerling in de groep onvoldoende ontwikkeling zien en vindt onvoldoende aansluiting bij haar klasgenoten. De van de school verlangde ondersteuning is onevenredig belastend geworden. De WGBH/CZ biedt geen onbegrensd recht op regulier basisonderwijs. 
Artikel 24 van het VN-verdrag richt zich tot Staten die partij zijn bij het verdrag. Het levert geen onmiddellijk en afdwingbaar recht op tussen burgers jegens een schoolbestuur. 
De school heeft een school voor speciaal onderwijs bereid gevonden de leerling toe te laten. De daarvoor benodigde toelaatbaarheidsverklaring heeft het samenwerkingsverband op verzoek van de school afgegeven. Daarmee heeft de school voldaan aan de zorgplicht.

De Commissie oordeelt dat de school in redelijkheid heeft kunnen besluiten tot verwijdering van de leerling. Zij oordeelt het verzoek ongegrond.

Downloaden

Advies Geschillencommissie passend onderwijs (GPO) d.d. 8 april 2019 (108603)

Eerdere uitspraken van de GPO

De Commissie heeft eerder uitspraken gedaan over dit onderwerp:

De foto boven dit artikel heeft geen betrekking op de bij deze zaak betrokken personen.