Intern begeleider mag verklaring afleggen bij politie over leerling die mogelijk iets te maken heeft met incident buiten school

De Landelijke Klachtencommissie Onderwijs heeft zich op 24 maart 2020 gebogen over een klacht over een verklaring, die een intern begeleider van de school had afgelegd ​over een leerling, op verzoek van de politie.

Wat was de situatie?

Een leerling is buiten school betrokken bij een incident. Hij zou een andere jongen, leerling van dezelfde school, met een stroomstootwapen (taser) hebben aangeraakt. De moeder van het slachtoffer kaart het incident aan bij de intern begeleider en het slachtoffer doet aangifte bij de politie. In het kader van het politie-onderzoek naar het incident, verhoort de politie twee intern begeleiders van de school. Zij leggen verklaringen af over de leerling en andere leerlingen die mogelijk bij het conflict betrokken zijn. De politie vraagt ook wat voor jongen de leerling is, die van gebruik van de taser wordt verdacht. Een van de intern begeleiders geeft in haar verklaring informatie over het gedrag en de gezinssituatie van de leerling, en over een gedragsstoornis die de leerling zou hebben.
De moeder van de leerling meent dat de intern begeleider geen verklaring had mogen afleggen en persoonlijke informatie over de leerling voor zich had moeten houden. De informatie was volgens de moeder subjectief en privacygevoelig. Zij dient een klacht in bij de Commissie.

Beoordeling door de Commissie

De Commissie overweegt dat het logisch is dat de politie heeft gekozen voor het verhoren van de intern begeleiders, om zo een compleet beeld te krijgen van het conflict tussen de leerlingen die mogelijk iets met het incident te maken hadden of daar iets over wisten. De intern begeleiders zijn verantwoordelijk voor de ontwikkeling van alle leerlingen, hebben zicht op de onderlinge verhoudingen, en onderhouden contact met instanties zoals het buurtteam en de wijkagent.
Vervolgens oordeelt de Commissie dat de intern begeleider mag verklaren zoals zij heeft verklaard. Het is voorstelbaar dat de antwoorden op de vragen confronterend en negatief zijn ervaren door de moeder. Maar dit betekent niet dat de intern begeleider de betreffende informatie niet heeft mogen verstrekken. De verstrekte informatie past bij de beantwoording van de vragen van de politie en het doel van het gesprek. Informatie over een diagnose, karaktertrekken van een leerling en de onderlinge verhoudingen tussen leerlingen kan nuttig zijn voor het politie-onderzoek. Het is ten slotte aan de politie om te bepalen of zij de informatie van de intern begeleider mee weegt in het volledige onderzoek naar het voorval.

Downloaden

  • Advies LKC van 24 maart 2020, 109074.