Wetsvoorstel Sterk beroepsonderwijs aangenomen in Tweede Kamer. Hoe is de medezeggenschap bij doorlopende leerroutes vmbo-mbo geregeld?

Op woensdag 22 april 2020 nam de Tweede Kamer het wetsvoorstel Sterk beroepsonderwijs aan. Dit wetsvoorstel maakt het mogelijk dat vmbo-scholen en mbo-instellingen vanaf schooljaar 2020–2021 gezamenlijk doorlopende leerroutes vmbo-mbo op niveau 2, 3 en 4 kunnen aanbieden. Tegelijk met het wetsvoorstel nam de Tweede Kamer ook verschillende amendementen en moties aan. Eén van de amendementen heeft betrekking op de regeling van de medezeggenschap.
In het debat op 21 april 2020 was de positie van de medezeggenschap bij doorlopende leerlijnen uitgebreid aan de orde geweest. Daarbij verwezen verschillende Kamerleden naar het onderzoek, dat het Expertisecentrum van Onderwijsgeschillen liet uitvoeren naar de inrichting van de medezeggenschap bij doorlopende leerroutes.
Het gewijzigd wetsvoorstel is voor verdere behandeling naar de Eerste Kamer gestuurd.

Inhoud van wetsvoorstel in het kort

Het doel van het wetsvoorstel is om een betere aansluiting van het vmbo op het mbo mogelijk te maken. Daardoor vallen er minder jongeren uit bij de overgang van het vmbo naar het mbo. Bovendien kan door samenwerking een divers opleidingsaanbod in de regio geborgd worden, ook bij teruglopende jongerenaantallen.
De doorlopende leerroute start in het derde leerjaar van het vmbo. De jongere is de eerste twee jaar ingeschreven bij de vmbo-school. In die periode is de vmbo-school verantwoordelijk voor de naleving van de wet- en regelgeving, zoals de Wet medezeggenschap op scholen (Wms). Na twee jaar wordt de jongere ingeschreven bij de mbo-school. Vanaf dat moment is de mbo-school verantwoordelijk voor de naleving van de wet- en regelgeving. Er geldt maar één studieduur en één onderwijstijd.​
Scholen en instellingen die een doorlopende leerroute vmbo-mbo willen starten, sluiten een samenwerkingsovereenkomst af. Hierin staan onder andere de afspraken over de vormgeving van de doorlopende leerroute.

Medezeggenschap

In het vmbo en het mbo gelden verschillende wettelijke regelingen van de medezeggenschap. Ook de geschillenregelingen zijn anders. In het vmbo geldt de Wet medezeggenschap op scholen (Wms) die de medezeggenschap van personeel, ouders en leerlingen regelt. In het mbo is de medezeggenschap voor het personeel geregeld in de Wet op de ondernemingsraden (WOR) en die van ouders en studenten in de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB). De medezeggenschapsraad van de vmbo-school en de studentenraad, de ondernemingsraad en eventueel de ouderraad van de mbo-instelling hebben adviesrecht over de samenwerking met andere scholen of instellingen.

Aangenomen amendement over medezeggenschap

De Tweede Kamer nam bij het wetsvoorstel ook een amendement over medezeggenschap aan. Dit amendement maakt het mogelijk om in de samenwerkingsovereenkomst tussen de vmbo-school en de mbo-instelling naast de toepasselijke wetgeving aanvullende afspraken te maken over de medezeggenschapsregeling waar de jongere gedurende de verschillende fases van de doorlopende leerlijn onder valt. Bijvoorbeeld over de vertegenwoordiging van vmbo-leerlingen in de studentenraad van de mbo-instelling. Daarbij kunnen ook afspraken worden gemaakt over de geschillenregeling waar de desbetreffende jongere onder valt.

Onderzoek Expertisecentrum Onderwijsgeschillen

Het oorspronkelijk wetsvoorstel gaat niet in op de vraag hoe de medezeggenschap ingericht moet worden als eenmaal sprake is van doorlopende leerroutes. Dit was reden voor het Expertisecentrum van Onderwijsgeschillen om hier onderzoek naar te laten doen. Dit onderzoek is uitgevoerd door prof. dr. R. van Schoonhoven (Vrije Universiteit Amsterdam) met medewerking van mr. dr. F.H.J.G. Brekelmans. Zij pleiten in het onderzoeksrapport voor een minimale regeling van de medezeggenschap bij doorlopende leerroutes vmbo-mbo, om de medezeggenschapsrechten van leerlingen, studenten, ouders en personeel te borgen. Ook zou de regeling moeten voorzien in een eenduidige geschillenregeling.

Geschillen over medezeggenschap

Geschillen over medezeggenschap in het voortgezet onderwijs kunnen worden voorgelegd aan de Landelijke Commissie voor Geschillen WMS. De Landelijke Commissie voor Geschillen medezeggenschap studenten en ouders MBO behandelt geschillen tussen het bevoegd gezag en de studentenraad of de ouderraad in het mbo. Beide Commissies zijn ondergebracht bij Onderwijsgeschillen.

Meer informatie