De klachtenregeling en klachtencommissie zijn wettelijk verplicht in het middelbaar beroepsonderwijs (mbo). Ook krijgen studenten in het mbo een wettelijk toelatingsrecht. Met deze nieuwe wetgeving over het klachtrecht en het toelatingsrecht verandert in 2017 de positie van de student in het mbo. Dit themadossier geeft meer informatie over:

Klachtenregeling in het mbo

Deze nieuwe wetgeving over de klachtenregeling biedt de student in het mbo meer bescherming als het bestuur van de instelling zijn plichten uit de onderwijsovereenkomst niet of onvoldoende nakomt. Daarnaast heeft het klachtrecht een signaalfunctie met betrekking tot de kwaliteit van het onderwijs. De wet  is met ingang van 1 augustus 2017 in werking getreden.

Klachtenregeling en klachtencommissie verplicht in het mbo

Met de in werking treden van de nieuwe wetgeving moeten alle mbo-instellingen een klachtenregeling hebben en deze openbaar maken. Ook zijn mbo-instellingen dan verplicht een klachtencommissie te hebben. Bestuurders van de instelling mogen geen deel uitmaken van de klachtencommissie van de eigen instelling of van de klachtencommissie van een andere instelling.

Wie kunnen een klacht indienen?
Alle betrokkenen bij het onderwijs van de mbo-instelling kunnen een klacht indienen:

  • studenten, waaronder voormalige en aanstaande studenten;
  • personeel en andere betrokkenen bij het onderwijs of de praktijkbegeleiding;
  • bij minderjarige studenten kunnen ook de ouders of wettelijke verzorgers een klacht indienen.

Waarover kan men klagen?
De klacht kan gaan over:

  • gedragingen van het bestuur van de instelling;
  • gedragingen van iedereen die taken verricht voor de instelling, bijv. personeel van de instelling, schoonmaakpersoneel, uitzendkrachten, stagiaires, stagebegeleiders;
  • het nalaten van een gedraging.

Onder een ‘gedraging’ kan ook een ‘besluit’ vallen. Maar tegen een aantal besluiten staan aparte voorzieningen open, bijvoorbeeld de mogelijkheid van beroep bij de examencommissie. In dat geval moet  men in beginsel van die voorziening gebruik maken in plaats van het klachtrecht.

Toelatingsrecht tot het mbo

Naast de nieuwe wetgeving over het klachtrecht in het mbo, treedt in 2017 ook een andere wet in werking waarmee het toelatingsrecht tot het mbo wordt geregeld. Het doel van de nieuwe wetgeving is om de overstap van jongeren van het voortgezet onderwijs naar het mbo goed te laten verlopen en daarmee schooluitval tegen te gaan. Daarbij wordt de positie van de deelnemer versterkt. 

Wanneer treedt de wet in werking?

De bepalingen van de nieuwe wet worden op verschillende tijdstippen van kracht. Een aantal artikelen is met ingang van 1 augustus 2017 in werking getreden. Maar de bepalingen over het recht op toelating gelden pas voor de toelating tot het mbo in het schooljaar 2018/2019. Ook de bepalingen over het bindend studieadvies gelden voor het schooljaar 2018/2019. 

In voorbereiding op het toelatingsrecht kunnen mbo-instellingen voor bepaalde opleidingen aanvullende eisen stellen. Dan moet de instelling uiterlijk 1 februari voorafgaand aan het studiejaar waarvoor die eisen gaan gelden, een regeling vaststellen voor de selectiecriteria en de selectieprocedure. Op een voorgenomen besluit tot vaststelling van zo een regeling heeft de deelnemersraad m.i.v. 1 oktober 2017 adviesrecht.

Wat verandert er?

  • er komt een betere begeleiding voor en tijdens de overstap van het voortgezet onderwijs naar het mbo;
  • de uiterlijke aanmelddatum voor het mbo wordt 1 april;
  • er komt een toelatingsrecht voor studenten die aan de juiste vooropleidingseisen voldoen. Zij moeten zich wel op tijd inschrijven en deelnemen aan verplichte intakeactiviteiten; 
  • in het eerste jaar na inschrijving aan een mbo-opleiding krijgen studenten een bindend studieadvies;
  • de deelnemersraad krijgt adviesrecht op de regeling van de selectiecriteria en de selectieprocedure bij opleidingen waarvoor aanvullende eisen worden gesteld.

Wanneer kan toelating van een student geweigerd worden?

Een mbo-opleiding kan alleen studenten weigeren als er een beperkte opleidingscapaciteit is of als er weinig werk is een richting. Verder kan de toelating ook geweigerd worden aan studenten die niet-kwalificatieplichtig zijn en al voor drie of meer opleidingen een negatief bindend studieadvies hebben gekregen of studenten die al zes jaar onderwijs in het mbo hebben gevolgd zonder een diploma te hebben gehaald.

Bindend studieadvies  

Tijdens het eerste jaar na inschrijving krijgen studenten een studievoortgangsgesprek en een bindend studieadvies. Een negatief bindend studieadvies is mogelijk als de student onvoldoende studievorderingen maakt. Dit betekent het einde van de inschrijving aan de opleiding. Bij opleidingen die langer dan één jaar duren kan de mbo-instelling pas na negen maanden een negatief bindend studieadvies geven. Aan een negatief studieadvies moet een schriftelijke waarschuwing voorafgaan. Een negatief studieadvies moet een schriftelijk besluit zijn. Een student kan daartegen beroep instellen bij de commissie van beroep voor de examens van de instelling. Eventueel kan de student ook een klacht indienen bij de klachtencommissie van de instelling.

Klacht- en beroepsmogelijkheden voor studenten die niet worden toegelaten

De wet regelt geen aparte klacht- en beroepsmogelijkheden voor studenten die niet worden toegelaten tot de mbo-opleiding waarvoor zij zich hebben aangemeld. Studenten die menen dat zij ten onrechte niet tot de opleiding worden toegelaten, kunnen gebruik maken van de klachtenregeling.

Weigering van studenten met een handicap of chronische ziekte

De Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte (WGBH/CZ) verplicht instellingen om doeltreffende aanpassingen te verrichten voor een student met een beperking, die om aanpassingen vraagt. Die verplichting geldt niet als de aanpassingen een onevenredige belasting vormen voor de instelling. Als studenten menen dat de weigering tot toelating samenhangt met een beperking, kunnen zij een oordeel vragen aan het College voor de Rechten van de Mens.

Landelijke Klachtencommissie Onderwijs (LKC) bij Onderwijsgeschillen

Veel mbo-instellingen zijn al aangesloten bij de Landelijke Klachtencommissie Onderwijs (LKC) van Stichting Onderwijsgeschillen. Deze onafhankelijke klachtencommissie staat open voor alle mbo-instellingen. Door aan te sluiten bij de LKC voldoen mbo-instellingen aan de verplichtingen die met de nieuwe wetgeving worden ingevoerd. Alle uitspraken van de LKC worden op deze website gepubliceerd en zijn te vinden via uitspraken zoeken.

Mbo-instellingen die zich bij de LKC willen aansluiten kunnen contact met ons opnemen of zich aanmelden via het aansluitingsformulier.

Downloaden

Wet over klachtenregeling
​Memorie van toelichting bij het oorspronkelijk wetsvoorstel.

Wet over toelatingsrecht
Memorie van toelichting bij het oorspronkelijk wetsvoorstel