Datum uitspraak: 20-01-2020
Nummer uitspraak: 108952
Type: Uitspraken Onderwijsgeschillen
Sector: Hoger beroepsonderwijs
Samenvatting 

Situatie
Werknemers zijn werkzaam als docent én examinator. Als examinator zijn zij betrokken bij de beoordeling van een tentamen van een studente. Een van de werknemers heeft een zakelijke- en vriendschappelijke band met de vader van de betreffende studente. De andere werknemer is daarvan op de hoogte. De examencommissie vindt dit reden om beide werknemers te schorsen als examinator, en om te onderzoeken of de werknemers zich wel integer gedragen hebben gedragen bij de beoordeling van de studente. 

Uitspraak
De beroepen zijn gegrond.

Toelichting
De Commissie stelt vast dat er sprake is van een schorsing op grond van de cao, omdat de werknemers (tijdelijk) de taak van examinator niet mogen uitoefenen en de werkgever hen ook geen andere taken heeft opgedragen.
De examencommissie heeft met het uitspreken van de schorsing arbeidsrechtelijk gehandeld, dus als werkgever. De schorsing is daarom aan de werkgever toe te rekenen. 
Op grond van de cao kan alleen de werkgever een besluit tot schorsing uitspreken. De werkgever heeft die bevoegdheid niet gedelegeerd aan de examencommissie. Dit betekent dat het besluit niet bevoegd is genomen. Ook is de verweerprocedure, zoals opgenomen in de cao, niet gevolgd.

Gevoegd behandeld met 108951