Datum uitspraak: 01-11-2018
Nummer uitspraak: 108306
Type: Uitspraken Onderwijsgeschillen
Sector: Voortgezet onderwijs
Samenvatting 

Situatie
Op 29 juni 2017 heeft de school laten weten dat een leerling niet zou worden bevorderd. In september 2017 heeft de moeder van de betrokken leerling een klacht ingediend bij het schoolbestuur. Het schoolbestuur oordeelt dat er geen grond is voor de klacht. Dat staat in de brief die het bestuur op 12 oktober 2017 aan de moeder heeft gestuurd. Op 30 juni 2018 heeft de moeder een klacht ingediend bij de Commissie.

Advies van de Commissie
De klacht is niet-ontvankelijk.

Toelichting
De LKC hanteert een verjaringstermijn van een jaar, omdat het na verloop van tijd lastiger wordt om feiten vast te stellen en daardoor moeilijker wordt om een klacht goed te behandelen. Verder moet er een moment komen dat iedereen een gebeurtenis achter zich kan laten.
Aangezien de moeder op 29 juni 2017 wist dat haar dochter niet was bevorderd, had zij uiterlijk op 29 juni 2018 haar klacht bij de LKC moeten indienen. Deze termijn wordt niet opgeschort door het volgen van de interne klachtprocedure. De moeder heeft aangevoerd dat zij de klacht laat heeft ingediend, omdat zij lang heeft gezocht naar een oplossing. Toen dat niet lukte, duurde het nog enige tijd om te komen tot een juiste formulering van de klacht.
Deze argumenten hebben de Commissie niet overtuigd. Het staat vast dat de moeder in oktober 2017 wist dat haar klacht niet was opgelost. Zij had toen nog voldoende tijd om haar klacht te formuleren en op tijd in te dienen. 

Trefwoorden: