Datum uitspraak: 08-01-2008
Nummer uitspraak: 103615
Type: Uitspraken Onderwijsgeschillen
Samenvatting 

De Universiteitsraad verschilt met het College van Bestuur van mening over de bevoegdheid van de Universiteitsraad ten aanzien van de reorganisatiecode, eenheidsoverstijgende reorganisaties en het financieel verdeelmodel. De Commissie constateert dat de reorganisatiecode een generiek document is dat de hoofdlijnen van de procedurele aanpak van een reorganisatie beschrijft. Nu de code betrekking heeft op alle reorganisaties binnen de universiteit en ook op de gevolgen daarvan voor het personeel, is de Commissie van oordeel dat de reorganisatiecode is aan te merken als een 'aangelegenheid van algemeen belang voor de bijzondere rechtstoestand van het personeel' als bedoeld in art. 9.36 lid 1 WHW en art. 11 lid 2 UR-reglement. Daarom heeft het personeelsdeel van de Universiteitsraad instemmingsrecht ten aanzien van een wijziging van de reorganisatiecode. Art. 10.8 van de CAO Nederlandse Universiteiten heeft slechts betrekking op de bevoegdheden van het lokaal overleg en bevat geen inhoudelijke regeling zodat de uitoefening van het instemmingsrecht daar niet door beperkt wordt.
Art. 11 lid 3 onder 2 UR-reglement bepaalt dat de Universiteitsraad instemmingsrecht heeft ten aanzien van een reorganisatie die een majeure organisatieverandering als gevolg heeft en die voortkomt uit nieuw beleid. Naar het oordeel van de Commissie dragen eenheidsoverstijgende reorganisaties in de regel een majeur karakter terwijl reorganisaties in het algemeen voortvloeien uit beleidswijzigingen. In de regel zal art. 11 lid 3 onder 2 UR-reglement van toepassing zijn. De CAO kan geen afbreuk doen aan deze in het reglement vastgelegde bevoegdheid van de Universiteitsraad. Het financieel verdeelmodel bevat de bekostigingssystematiek en de richtlijnen voor de begroting en is als zodanig van wezenlijk belang voor het opstellen van de begroting. Omdat de bekostigingssystematiek deel uitmaakt van het verdeelmodel strekt het in het UR-reglement vastgelegde adviesrecht van de Universiteitsraad ten aanzien van de begroting en de bekostigingssystematiek zich mede uit tot het financieel verdeelmodel. Het gegeven dat de Universiteitsraad in het verleden ten aanzien van het financieel verdeelmodel instemmingsrecht heeft uitgeoefend, doet niet af aan het adviesrecht. Aan een niet in het UR-reglement vastgestelde overeenstemming met het toenmalige College van bestuur kan de Universiteitsraad niet het gerechtvaardigd vertrouwen ontlenen dat het financieel verdeelmodel ook in de toekomst ter instemming wordt voorgelegd.