Datum uitspraak: 04-11-2013
Nummer uitspraak: 105868
Type: Uitspraken Onderwijsgeschillen
Samenvatting 

Klacht tegen directeur, intern begeleider en twee leerkrachten van een school naar aanleiding van een incident waarbij de zoon van klagers zijn frustratie over plagen heeft afgereageerd op een klasgenoot. Klagers menen dat de begeleiding van hun zoon al langer te wensen heeft overgelaten. Niet gebleken is dat de directeur voor en na het incident de regie heeft gevoerd over het klimaat op de school en de afhandeling van het incident. De directeur heeft weliswaar de betrokken ouders onmiddellijk na het incident te woord gestaan, maar niet is gebleken dat dit heeft plaatsgevonden vanuit een gevoel van urgentie en met een plan van aanpak om het incident op te lossen en daarin het voortouw te nemen. Wat betreft het verstrekken van informatie aan de politie is niet gebleken dat verweerster daarbij grenzen heeft overschreden. Na overleg met klager is besloten dat zijn kind bepaalde periodes buiten de klas zou werken. Blijkbaar heeft het kind dat zelf aan zijn klasgenoten mogen of moeten vertellen. Los van de vraag hoe dit precies in zijn werk is gegaan, ziet de Commissie niet in welk pedagogisch doel daarmee gediend werd. Het leerlingendossier bevat diverse handelingsplannen en maakt ook melding van remedial teaching. Hoewel er op de verslaglegging van de vorderingen en activiteiten het nodige valt aan te merken evenals over de communicatie daarover met klagers, is de klacht over de onderwijskundige begeleiding ongegrond. Ten slotte is gebleken dat op de school de registratie van allerhande zaken, die in een leerlingendossier niet mogen ontbreken, ernstig te wensen over laat. Klacht gedeeltelijk gegrond.