Datum uitspraak: 04-06-2018
Nummer uitspraak: 108159
Type: Uitspraken Onderwijsgeschillen
Sector: Primair onderwijs
Samenvatting 

Situatie
Een leerling mag één gymles niet mee doen van de leerkracht. In het gesprek dat hierover plaatsvindt, menen ouders dat de gymnastiekleerkracht hen en hun zoon onheus heeft bejegend doordat hij verschillende schofferende opmerkingen maakte. De ouders vinden dat de directeur vervolgens onvoldoende actie onderneemt. Er vindt geen gesprek plaats tussen ouders, de gymnastiekleerkracht en de directeur. De vader dient een klacht in.

Advies van de Commissie
De klacht is ongegrond.

Toelichting
De gymnastiekleerkracht betwist twee van de opmerkingen die de vader naar voren heeft gebracht. De vader heeft zijn stelling dat een van de opmerkingen als onheuse bejegening moet worden aangemerkt niet nader onderbouwd. Van de andere opmerking is onvoldoende concreet geworden welk gedrag c.q. welke opmerking van de leerkracht als onheuse bejegening moet worden aangemerkt. Daardoor is het voor de Commissie niet mogelijk over deze twee opmerkingen een oordeel te geven. 
Over de derde opmerking erkent de gymleerkracht iets dergelijks te hebben gezegd. Het hangt van de context af of die uitlating als onheus moet worden beschouwd. Doordat partijen elkaar tegenspreken, komt over de context onvoldoende vast te staan om de opmerking te kunnen kwalificeren als onheuse bejegening. De directeur heeft voldoende actie ondernomen om een gesprek te plannen met alle partijen. Vanaf enig moment had de directeur wel meer voortvarend kunnen handelen. Maar in het licht van al zijn eerdere pogingen om tot een gesprek te komen, leidt dat niet tot gegrondverklaring van de klacht.