Datum uitspraak: 10-07-2020
Nummer uitspraak: 109127
Type: Uitspraken Onderwijsgeschillen
Sector: Middelbaar beroepsonderwijs
Samenvatting 

Situatie
Vanwege terugloop in leerlingenaantallen is sprake van bovenformatie in het team waar de werknemer werkzaam is. De werknemer wordt bovenformatief verklaard en vervolgens aangemerkt als herplaatsingskandidaat. De werknemer krijgt de functie van docent binnen een andere afdeling aangeboden, maar stelt dat die werkzaamheden niet passend zijn, omdat hij niet over een lesbevoegdheid beschikt. De werknemer is destijds in dienst getreden als BPV-begeleider en op enig moment benoemd als docent LC.

Uitspraak van de Commissie
De werkgever heeft artikel 2.5 cao mbo niet juist heeft toegepast door de werknemer lesgevende taken op te dragen.
Het geschil met betrekking tot het bovenformatief verklaren van de werknemer is niet-ontvankelijk.
  
Toelichting
Het bovenfomatief verklaren van de werknemer is niet gebaseerd op de cao maar op een interne regeling. Daarom betreft het niet de toepassing van de cao. Dit onderdeel van het geschil is daarom niet-ontvankelijk.
Het geschil over de opgedragen werkzaamheden betreft de toepassing van artikel 2.5 cao mbo en is ontvankelijk.
Voorop staat dat een werkgever gerechtigd is een werknemer, die is benoemd als docent, op te dragen om lesgevende taken te verrichten. Uitgangspunt is wel dat de werknemer een lesbevoegdheid heeft dan wel bekwaam is om in het mbo les te geven. Indien dit niet het geval is, dient de werknemer in staat te worden gesteld de daarvoor benodigde scholing te krijgen. Alleen in geval van bijzondere omstandigheden mag een werkgever een werknemer, die is benoemd als docent, geen lesgevende taken opdragen. Dat is hier het geval.
De werknemer heeft in de praktijk vrijwel geen lesgevende taken verricht en niet is vast komen te staan dat hij beschikt over een lesbevoegdheid. Gelet daarop, en mede gelet op zijn leeftijd, kan niet van hem verwacht worden dat hij lesgevende taken gaat verrichten of zich op dat punt gaat (bij)scholen. Dit alles maakt dat de werkgever redelijkerwijs geen lesgevende taken aan de werknemer kan opdragen.