Wat is een onderwijskundig rapport?

Elke school in het primair onderwijs en het (voorgezet) speciaal onderwijs moet een onderwijskundig rapport opstellen wanneer een leerling naar een andere school gaat. Daarmee zorgen scholen ervoor dat leerlingen ook na een overstap op de nieuwe school het juiste onderwijs of aangepaste begeleiding kunnen ontvangen.
Scholen in het voortgezet onderwijs stellen een onderwijskundig rapport op wanneer voor een leerling bij het samenwerkingsverband leerwegondersteunend onderwijs (lwoo) wordt aangevraagd of een toelaatbaarheidsverklaring voor het praktijkonderwijs.
Het onderwijskundig rapport is onderdeel van het leerlingdossier.

Inhoud van het onderwijskundig rapport

De wet zegt niet tot in detail wat in het onderwijskundig rapport moet staan. Maar er gelden wel enkele wettelijke regels. Als het onderwijskundig rapport wordt opgesteld in verband met de overgang van basis- naar voorgezet onderwijs, moet de basisschool in het onderwijskundig rapport het schooladvies voor het voortgezet onderwijs opnemen. Scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs nemen in het onderwijskundig rapport in ieder geval het ontwikkelingsperspectief van de leerling op.

Meestal staat er in het onderwijskundig rapport:

  • informatie over de sociale en emotionele ontwikkeling van de leerling;
  • informatie over de werkhouding;
  • resultaten en vorderingen;
  • informatie over extra begeleiding die is gegeven aan de leerling;
  • een schooladvies voor het voortgezet onderwijs;
  • de uitslag van de eindtoets.

Welke wettelijke bepalingen zijn van toepassing?

Wat er in het onderwijskundig rapport moet of ten hoogste mag staan is geregeld in de onderwijswetten en in het Besluit uitwisseling leer- en begeleidingsgegevens. Op de inhoud van het onderwijskundig rapport zijn tevens de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) en het Vrijstellingsbesluit Wbp van toepassing.

Onderwijswetten

De verplichting tot het opstellen van een onderwijskundig rapport door basisscholen is vastgelegd in artikel 42 van de Wet op het primair onderwijs (WPO). Voor scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs is dit geregeld in artikel 43 van de Wet op de expertisecentra (WEC). De verplichting tot het opstellen van een onderwijskundig rapport door scholen in het voortgezet onderwijs ligt besloten in de artikelen 10e en 10g van de Wet op het voortgezet Onderwijs (WVO). Ouders hebben recht op een afschrift van het onderwijskundig rapport.

Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp)

Omdat het onderwijskundig rapport persoonsgegevens bevat, is net als bij het leerlingdossier de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) van toepassing. Op grond van deze wet mogen scholen alleen gegevens verzamelen en verwerken als dat nodig is voor de uitvoering van hun wettelijke taken en als dat gericht is op specifieke doeleinden.

Besluit uitwisseling leer- en begeleidingsgegevens

In het Besluit uitwisseling leer- en begeleidingsgegevens worden regels gegeven voor het uitwisselen tussen scholen van gegevens over leerlingen. Daarin staat dat het onderwijskundig rapport niet meer mag bevatten dan:

  • administratieve gegevens;
  • gegevens over onderwijshistorie, leerresultaten en stage- en werkervaring;
  • gegevens over de sociaal-emotionele ontwikkeling en het gedrag;
  • gegevens met betrekking tot de gegeven of geïndiceerde begeleiding;
  • gegevens omtrent de verzuimhistorie.

In het Besluit uitwisseling leer- en begeleidingsgegevens wordt ook uitleg gegeven aan de bepalingen uit de Wet bescherming persoonsgegevens:

  • er mogen alleen gegevens worden uitgewisseld die strikt noodzakelijk zijn voor het leren en begeleiden van de leerling op een volgende school op het moment dat een leerling overstapt;
  • uitwisseling van het onderwijskundig rapport mag uitsluitend bij de overstap van een leerling naar een andere school;
  • ouders hebben inzage- en correctierecht bij de uitwisseling van het onderwijskundig rapport;
  • scholen zijn verplicht ouders actief te informeren over de inhoud van het onderwijskundig rapport;
  • professionele indrukken kunnen niet gecorrigeerd worden, maar als de ouders hierbij bezwaren hebben dan dient dit vermeld te worden in het dossier;
  • de opmerkingen en visie van de ouders moeten op verzoek worden toegevoegd aan het dossier.

Klachten over het onderwijskundig rapport

Ouders die een klacht hebben over het onderwijskundig rapport kunnen dit melden bij de school. Als zij niet tevreden zijn over de aanpak van de school, dan kunnen zij een klacht indienen bij de klachtencommissie van de school. Welke commissie dat is, staat in de schoolgids of op de website van de school. Veel scholen zijn aangesloten bij de Landelijke Klachtencommissie Onderwijs (LKC) van Onderwijsgeschillen. De LKC behandelt regelmatig klachten over het onderwijskundig rapport. Hierna worden enkele belangrijke adviezen van de LKC uitgelicht.

Adviezen van de LKC over het onderwijskundig rapport

  • Een school moet afwegen welke gegevens daadwerkelijk nodig zijn ten behoeve van het leren en begeleiden van een leerling bij overstap naar een nieuwe school. Informatie over moeizaam contact tussen gescheiden ouders van een leerling kan informatie zijn die relevant is voor de ontvangende school (105378).
  • Het is toegestaan een leerlingdossier als bijlage aan het onderwijskundig rapport toe te voegen in plaats van dit in het rapport zelf te verwerken (107389).
  • Als ouders een ander beeld van een leerling hebben dan de school in het onderwijskundig rapport schetst, wil dit nog niet zeggen dat het geschetste beeld onjuist is (105051). Het is raadzaam om de ouders hun zienswijze te laten geven; deze zienswijze kan als bijlage aan het onderwijskundig rapport worden toegevoegd (107389).
  • Ouders hoeven het onderwijskundig rapport niet goed te keuren of te ondertekenen (105747, 105378, 105139). De Commissie beveelt wel aan dat het onderwijskundig rapport voor akkoord of gezien wordt getekend (105370).
  • Het is wenselijk dat de school de ouders vooraf informeert en eventueel met hen overlegt over de inhoud van het onderwijskundig rapport (105378 en 106691). Onder omstandigheden kan het ontbreken van overleg met de ouders gerechtvaardigd zijn (107207).