Datum uitspraak: 14-01-2021
Nummer uitspraak: 109519
Type: Uitspraken Onderwijsgeschillen
Sector: Primair onderwijs
Samenvatting 

Situatie
De school waar de werknemer werkt staat in de wijk waar hij ook woont. Hij is (bestuurs)lid van de bewonersvereniging.
Omdat in de wijk het aantal leerlingen daalt en daardoor minder scholen nodig zijn, willen de schoolbesturen en de gemeente een nieuwe gezamenlijke campus op één centrale locatie bouwen.
Volgens de werkgever is door de nevenwerkzaamheden van de werknemer voor de bewonersvereniging bij de andere schoolbesturen en de gemeente het beeld ontstaan dat de bewonersvereniging het niet eens is met de plannen voor de campus. Daarom heeft de werkgever in 2019 de werknemer verzocht zijn rol als bestuurslid neer te leggen. Dat heeft de werknemer gedaan.
Enige tijd later ontdekt de werkgever dat de werknemer actief is in een werkgroep van de bewonersvereniging. De werkgever verzoekt de werknemer om ook die taak neer te leggen, vanwege de mogelijke belangentegenstelling die daardoor zou kunnen ontstaan. De werknemer geeft daar geen gehoor aan. Daarom legt de werkgever hem een berisping op.

Uitspraak van de Commissie
Het beroep is gegrond.

Toelichting
De vrijheid van meningsuiting en vrijheid van vereniging zijn een groot goed en kunnen niet zomaar beperkt worden. Verder is niet komen vast te staan dat andere partijen de werknemer negatief associëren met de kwestie. Ook is niet gebleken dat de bewonersvereniging of de werknemer het niet eens is met de plannen van de werkgever. Zowel de bewonersvereniging als de werknemer hebben daarover geen standpunt ingenomen.
De werknemer heeft niets gedaan of nagelaten waardoor het belang van de werkgever is geschaad. Daarom is geen sprake van plichtsverzuim en is de berisping ten onrechte opgelegd.