Datum uitspraak: 09-10-2018
Type: Uitspraken Ondernemingskamer
Door: 
Ondernemingskamer Gerechtshof Amsterdam
Samenvatting 

Op 9 april 2018 deed de Landelijke Commissie voor Geschillen (LCG WMS) uitspraak (108145) in een adviesgeschil over het inzetten van een procedure tot ontslag van de bestuurder. Tegen deze uitspraak stelde de GMR beroep in bij de Ondernemingskamer. De Ondernemingskamer heeft het beroep op 9 oktober 2018 verworpen.

De Ondernemingskamer oordeelde dat de Commissie zich op juiste grond heeft beperkt tot behandeling van de vraag of de Raad van Toezicht in redelijkheid heeft kunnen besluiten tot het inzetten van een procedure gericht op het arbeidsrechtelijk ontslag van de bestuurder. De Commissie is terecht niet getreden in de vraag aan wie de verstoring van de arbeidsrelatie is te wijten. Verder oordeelde de Ondernemingskamer dat de informatievoorziening in het kader van een medezeggenschapstraject een dynamisch proces is waarbij beide partijen een eigen verantwoordelijkheid hebben. Het lag op de weg van de GMR om informatie te vragen die hij dacht nodig te hebben om een advies te kunnen uitbrengen. Dat heeft de GMR niet gedaan. Tot slot oordeelde de Ondernemingskamer dat de Raad van Toezicht vanuit zijn verantwoordelijkheid als werkgever in redelijkheid tot zijn besluit heeft kunnen komen de arbeidsrechtelijke procedure tot ontslag van de bestuurder door te zetten.

Downloaden