Datum uitspraak: 18-05-2020
Nummer uitspraak: 109049
Type: Uitspraken Onderwijsgeschillen
Sector: Voortgezet onderwijs
Samenvatting 

Situatie
De werkgever heeft de werknemer eind 2016 een schriftelijke berisping opgelegd vanwege het niet volgen van het Programma van Toetsing en Afsluiting (PTA). De werknemer heeft daartegen beroep ingesteld bij de Commissie. De Commissie heeft het beroep op 16 mei 2017 ongegrond verklaard.
In oktober 2019 heeft de werknemer een verzoek tot herziening van de uitspraak van de Commissie ingediend. De Voorzitter heeft dat verzoek op 10 oktober 2019 kennelijk ongegrond verklaard. Tegen die uitspraak heeft de werknemer verzet aangetekend. 

Uitspraak van de Commissie
Het verzet is ongegrond.

Toelichting
Geen van de argumenten van de werknemer voldoet aan de voorwaarden om te kunnen komen tot herziening van de uitspraak van de Commissie. 
De werknemer heeft onder andere verwezen naar twee onderzoeksrapporten, maar die zijn van latere datum dan de uitspraak van de Commissie in 2017. Daarmee is niet voldaan aan het vereiste dat sprake moet zijn van feiten en omstandigheden die hebben plaatsgevonden vóór de uitspraak van de Commissie.
Verder heeft de werknemer argumenten aangedragen die zij ook al in de beroepsprocedure bij de Commissie aan de orde had gebracht (of had kunnen brengen). 

Trefwoorden: