Datum uitspraak: 26-01-2015
Nummer uitspraak: 106615
Type: Uitspraken Onderwijsgeschillen
Sector: Middelbaar beroepsonderwijs
Samenvatting 

Werkneemster is op staande voet ontslagen vanwege het plegen van fraude. Zij zou werkbezoeken aan stagebedrijven hebben gefingeerd en ten onrechte reiskosten hebben gedeclareerd. De werkneemster verzoekt de Voorzitter om wedertewerkstelling en hervatting van salarisbetaling. Naar het voorlopig oordeel van de Voorzitter is voldoende aannemelijk gemaakt dat werkneemster minstens vier stagebezoeken niet heeft afgelegd terwijl zij hiervoor wel BPV-bezoekprotocollen heeft ingevuld. Voorts is voldoende aannemelijk dat de werkneemster voor drie niet afgelegde stage-bezoeken reiskosten heeft gedeclareerd. Hiermee heeft de werkgever voldoende aannemelijk gemaakt dat de werkneemster frauduleus heeft gehandeld. Deze handelwijze is zodanig ernstig dat te voorzien valt dat de Commissie van Beroep het beroep in de bodemprocedure ongegrond zal verklaren, zodat er om deze reden geen grond is voor het treffen van de door de werkneemster gevraagde voorziening. Verzoek afgewezen.